Sieraadontwerper Onno Boekhoudt op de Biënnale van Venetië?!

by paulavanstrien

Vaak worden de toegepaste kunsten gescheiden gehouden van de beeldende kunsten. Dat is jammer, aangezien hierdoor interessante dwarsverbanden en grensgevallen onderbelicht blijven. Zo zou het werk van sieraadontwerper Onno Boekhoudt (1944-2002) niet hebben misstaan op de 55e editie van de Biënnale van Venetië- een grote tentoonstelling met hedendaagse kunst op verschillende locaties in Venetië.

ringen van BoekhoudtSpaanse
Links: twee zilveren ringen van Onno Boekhoudt uit 1990.
Rechts: Lara Almercegui’s kunstwerk in het Spaanse paviljoen, 2013.

Ik moest meteen aan Onno Boekhoudt denken toen ik het Spaanse paviljoen betrad. De ruimtes zijn gevuld met grote hopen steen, zand, glas, houtsnippers en kolen. Ze symboliseren het materiaal waarvan het paviljoen is gemaakt. Tegelijkertijd verwijzen ze naar Venetië, met name naar de glastraditie van Murano. Als Boekhoudt hier een rondleiding bij zou hebben gegeven, dan had hij zijn uitspraak kunnen herhalen dat een kunstenaar eigenlijk nooit écht iets kan maken, maar enkel materiaal kan verplaatsen. Hij is immers geen god die iets uit niets kan schapen, maar kan uitsluitend verzamelen, weghalen, toevoegen en vervormen.

Japanse paviljoen 2Japanse paviljoen 2
Een screenshot van de documentaire in het Japanse paviljoen waarin vijf dichters één gedicht schrijven, 2013.
 

Boekhoudt vond dat proces belangrijker dan het eindresultaat. Hij overwoog zelfs om de uiteindelijke sieraden weg te gooien; maar uiteindelijk besloot hij dat hij geen conceptuele kunst wilde maken. Wel bewaarde hij alles dat met het maakproces te maken heeft- niet alleen schetsen, modellen, proefjes en kladblaadjes met gedachtekronkels, maar ook zijn werkbanken en gereedschappen. Die archivalia, die tegenwoordig beheerd worden door CODA Museum in Apeldoorn, zouden perfect hebben gestaan op de Biënnale. Daar zijn talloze werken te zien waarin het maakproces benadrukt wordt. Zo wordt in het centrale paviljoen een compleet atelier als kunstwerk gepresenteerd. En in het Japanse paviljoen zijn documentaires te zien waarin een aantal mensen samen tot één eindresultaat moet komen: vijf pottenbakkers maken één vaas, vijf dichters schrijven één gedicht. De uiteindelijke werken staan ergens in een hoekje, omdat het proces centraal staat.

2013-08-22 12.12.17http://www.coda-apeldoorn.nl/collecties/coda-museum/vormgevingsarchieven/onno-boekhoudt/
Links: Uri Aran’s kunstwerk bestaande uit een atelier, 2013.
Rechts: Onno Boekoudt in zijn atelier.

Door het proces te benadrukken toonde Boekhoudt aan dat er een idee achter zijn sieraden zit. Zo zocht hij aansluiting bij de beeldende kunsten, waarvan de waarde sinds de Renaissance ook bepaald wordt door het idee en de uitvoering in plaats van door de kostbaarheid van het materiaal. De werken van Boekhoudt zijn dus inhoudelijk (en niet noodzakelijk qua vorm en functie, zoals het geval is bij stijlkamers) verbonden met de beeldende kunsten. Dit voorbeeld laat dan ook zien dat het soms goed te rechtvaardigen is om toegepaste kunsten en beeldende kunsten niet strikt gescheiden te houden, maar ze juist samen te tonen om zo de onderlinge relaties zichtbaar te maken.

De Biënnale van Venetië kan bezocht worden tot  24 november 2013. Het volledige archief van Onno Boekhoudt- inclusief zijn werkbanken en gereedschappen- wordt beheerd door CODA Museum in Apeldoorn.

[manual_related_posts]